Middenschool-leerlingen doen Naikan

© Shinko Oyama

Een jongen van 14 doet Naikan

Tot nu toe heb ik altijd gedacht dat ik het meest te lijden had, dat ik het meest te beklagen was. Door Naikan te doen ben ik gaan begrijpen dat ik door dat altijd te blijven zeggen eigenlijk niets anders deed dan een masker opzetten en voor mezelf vluchten.

Sinds ik naar de middenschool ben beginnen gaan maakte ik altijd maar ruzie met mijn ouders. Wanneer ik verkeerde dingen deed of iemand gekwetst had bijvoorbeeld, dacht ik nooit dat ik verantwoordelijk was, maar mijn ouders. Ik dacht dat ik op die manier toonde dat ik zelfstandig was, en weerstand kon bieden tegenover mijn ouders. Nu schaam ik mij daarover.
Vooral tegenover mijn vader had ik kritiek : "Uw manier van opvoeden was niets waard en daarom ben ik geworden wie ik ben."rotsen

Toen ik aan Naikan begon vond ik het heel lastig, en in het begin dacht ik dat ik dit nooit zeven dagen zou kunnen uithouden. Ik dacht ook dat dit Naikan-gedoe nooit iets goeds zou betekenen voor mij. Maar nu, na afloop kan ik zeggen dat ik blij ben dat ik Naikan gedaan heb.

Wie er niets van wil maken kan dat zo doen, en wie er het beste wil van maken kan dat ook doen, en zo heb ik goed begrepen dat het uiteindelijk van jezelf afhangt.

Ik denk dat Naikan betekent dat je met nieuwe ogen onderzoekend kijkt naar welke mens je bent, en wat je allemaal gedaan hebt. Vanaf nu wil ik zonder opgeven, zonder mezelf uit het oog te verliezen, zonder altijd dingen beu te worden, mijn best doen om er het beste van te maken. Hartelijk bedankt voor deze zeven dagen.

 

Een meisje van 15 (3de jaar middenschool) doet Naikan

Ik heb in de zomervakantie tussen mijn tweede en derde jaar Naikan gedaan. Dat was op aanraden van mijn vader die me aanmoedigde om toch een keer die ervaring mee te maken. Zo ben ik zonder bijzondere doelstelling bij Mr. Ikegami een week Naikan gaan doen. Als men me vraagt hoe ik me toen voelde, moet ik zeggen dat ik vooral snel terug naar huis wilde gaan om mijn eigen zin te kunnen doen.

Tijdens mijn tweede jaar dacht ik, onder invloed van mijn vrienden, en ook omdat ik zelf een beetje de pedalen kwijt was, dat "een klein beetje slecht juist goed genoeg" was. Maar tot het eerste jaar had ik dat soort afwijkende gedachten nooit gehad, en omdat ik eigenlijk in de grond een ernstige persoon ben, kwam in de periode van het tweede jaar ook mijn ernstige kant boven, ook toen ik dacht dat slechter eigenlijk beter was, en tenslotte onderhield ik in mijn eigen binnenste een leugen tegenover mezelf.

Zo ook tijdens Naikan. Ik was enerzijds aan andere zaken dan aan Naikan aan het denken, maar als de begeleider op gesprek kwam veranderde ik snel van houding en deed ik het uitschijnen alsof ik heel intensief had zitten nadenken. Mr. Ikegami had dat wel door; ik had hem gezegd dat ik thuis een poes had maar dat ik er niet echt goed voor zorgde, en op de laatste dag zei hij: "Als is het maar dat je de kattenbak zou kunnen proper houden, dat zou al goed zijn hé?"  Ik vond dat hij dat heel goed begrepen had.

Tijdens deze week Naikan hier in Kumamoto, voor mij de tweede keer dus, ben ik dat gaan inzien. Als ik de vorige keer met nu vergelijk, dan was het nu veel beter. De vorige keer vertelde ik aan de begeleider alleen echt opvallende zaken uit het verleden, maar deze keer heb ik verschillende aspecten van mezelf in de relatie met mijn ouders leren kennen.

Ik had er nog nooit ook maar aan gedacht om dankbaar te zijn tegenover mijn vader en moeder, hoewel die toch van alle mensen het meeste voor mij gedaan hebben. Integendeel, ik dacht dat mijn ouders voor mij een hindernis en een last waren, omdat zij in mijn ogen altijd maar tegen mij aan het morren waren.

Maar toen ik mijn relatie met mijn ouders vanaf mijn geboorte onderzocht zag ik in dat ik altijd al de zorg van mijn ouders had gekregen die ik nodig gehad had, en dat er geen enkel ogenblik te vinden is waarin ik zelf helemaal op mijn eentje geleefd had. Ik uitte wel dat ik zelfstandig op mijn eigen benen wilde staan, maar nu heb ik leren beseffen dat ik zonder vader en moeder eigenlijk niets kon.

Indien mijn vader mij niet had aangemoedigd om deze tweede keer Naikan te doen zou ik de rest van mijn derde jaar volledig losgeslagen gewoon mijn eigen goesting gedaan hebben. Door Naikan te doen zijn voor mijzelf ook wel redelijk wat zaken duidelijk geworden waarvan ik denk dat ze beter zouden veranderen. Van nu af zal ik de herinnering aan deze Naikan altijd en overal in mijn hart bijhouden, en ik zou graag van elke dag een gelukkige en opgeruimde dag willen maken.

Dank voor uw goede zorgen deze zeven dagen. Wat ik hier geleerd heb wil ik met al mijn energie levendig houden.